SV beleid in Amsterdam

Het Amsterdamse Stedelijke Vernieuwingsbeleid wordt beschreven in twee beleidsstukken: de Nota Stedelijke Vernieuwing 1999 en het Meerjaren Ontwikkelingsprogramma 2005-2009 (MOP).

Kruimelpad

 

SV beleid in Amsterdam

foto van ramen in nieuwbouwgevel
2 december 2008

Het Amsterdamse Stedelijke Vernieuwingsbeleid wordt beschreven in twee beleidsstukken: de Nota Stedelijke Vernieuwing 1999 en het Meerjaren Ontwikkelingsprogramma 2005-2009 (MOP).

De Nota Stedelijke Vernieuwing 1999 en het Meerjaren Ontwikkelingsprogramma 2005-2009 bevatten:

  • de beleidsdoelstellingen van de Stedelijke Vernieuwing in Amsterdam en
  • het ontwikkelingsprogramma voor het verkrijgen van middelen uit het Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing (ISV) van het Rijk.

Hiermee worden de ruimtelijke voorwaarden geschept voor het grotestedenbeleid.
Klik hier voor het MOP. 

In beide documenten wordt het doel en de aanpak van de Amsterdamse Stedelijke Vernieuwing beschreven. De stad is opgedeeld in drie typen gebieden:

  • Ontwikkelingsgebieden,
  • Aandachtsgebieden en
  • Basisgebieden naar prioritering van beleid.

Daarbinnen zijn 27 stedelijke vernieuwingsgebieden benoemd. De centrale doelen van het Amsterdamse beleid zijn:

  •  het verhogen van kwaliteit 
  •  het bevorderen van leefbaarheid,
  •  en het optimaliseren van het grondgebruik.

Het grote verschil met de Nota Stedelijke Vernieuwing is dat in het MOP 2005-2009 vier prestatievelden (voorheen zes) en daaraan gekoppeld vijftien outputindicatoren (voorheen 82) zijn beschreven waarop de Amsterdamse inzet met het Rijk is afgesproken.